Dit artikel verscheen in FORUM+ Herfst 2016

Naar volledige editie →

Recensie

On-onderbroken stad

Christine Dysers
Koninklijk Conservatorium Antwerpen

'Onderbroken Stad' op vr 4, za 5 en zo 6 maart 2016, Stadsfeestzaal Antwerpen. www.onderbrokenstad.be

Wie zich tijdens het eerste weekend van maart op de verschillende verdiepingen van de Antwerpse Stadsfeestzaal durfde te wagen, zou het geweten hebben. Met het evenement Onderbroken Stad kreeg het Antwerp Research Institute for the Arts (ARIA) een groots opgezette babyborrel.

ARIA is het nieuwe samenwerkingsproject van de Universiteit Antwerpen en de drie Schools of Arts van de Associatie Antwerpen : het Koninklijk Conservatorium, de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten en Sint Lucas. Met gebundelde kracht willen deze instituten niet alleen de onderlinge band tussen kunst en maatschappij verstevigen, maar ook een vruchtbare grond bieden aan het onderzoek in, met, en over de kunsten.

Gewapend met een gigantisch arsenaal aan artistieke interventies werd ARIA op 4, 5 en 6 maart middenin het publieke leven gegooid. Met een rijkgevuld programma van lezingen, debatten, performances en demonstraties werd de Antwerpse Stadsfeestzaal een volledig weekend lang in ere hersteld. Het gebouw kreeg voor de gelegenheid en met een plechtstatige grandeur opnieuw haar oorspronkelijke functie van openbare feest- en tentoonstellingszaal.

In samenwerking met de Amsterdamse uitgeverij Valiz en de Antwerpse boekhandel De Groene Waterman werd in de voormalige winkelruimte van Standaard Boekhandel een pop-upboekenwinkel geopend. De talloze publicaties die er de toonbanken sierden, leverden een fysiek bewijs van de veelheid en de diversiteit die Vlaanderen rijk is aan onderzoek in en over de kunsten. In diezelfde ruimte stelden kunstenaars, studenten en wetenschappers van allerlei pluimage hun onderzoek en kunstpraktijk voor aan de hand van lezingen, debatten en performances.

De gigantische leegstaande vleugel waar zich vroeger een vestiging van elektronicagigant SATURN bevond, was voor de gelegenheid omgetoverd tot een levend depot. In deze expo- en belevingsruimte werd niet alleen beeldend werk van jonge kunstenaars tentoongesteld, maar er vonden ook doorlopend performances plaats door studenten van de opleidingen muziek, drama, dans, en beeldende kunst van de betrokken Schools of Arts. Via een live videostream zouden ook de bezoekers op de benedenverdieping van de stadsfeestzaal willens nillens betrokken worden bij het ganse gebeuren. Met Onderbroken Stad hoopte ARIA zich te profileren als een ongedwongen proeftuin voor onderzoek, kunst en creativiteit. In een multiculturele, creatieve en internationale grootstad zoals Antwerpen klinkt dit ongetwijfeld als muziek in de oren.

Hoewel deze directe confrontatie tussen kunst en commerciële ruimte bedoeld was om radicaal de normale gang van zaken in het winkelcentrum te doorbreken – in dit geval een gezellig amalgaam van eten, winkelen en window shopping – en op deze manier niet alleen de ingewijde collega, maar ook de toevallige voorbijganger te confronteren met de vraag naar de functie en de plaats van kunst in de openbare ruimte, kon Onderbroken Stad niet geheel in deze opzet slagen. Slechte signalisatie en een gebrekkige communicatie zorgden ervoor dat slechts een handjevol toevallige passanten de weg naar de tweede verdieping – de door ARIA geselecteerde locus operandi – vonden. Op deze manier werd Onderbroken Stad algauw een sectorevenement, een gesloten netwerkmoment tussen creatievelingen en gelijkgezinden binnen het cultureel-maatschappelijke veld.

Hoewel er inhoudelijk veel interessante zaken de revue passeerden – ik denk daarbij aan de lezingenreeks die Pascal Gielen organiseerde, een debat en muzikale performance omtrent amusementscultuur in Vlaanderen, een boekpresentatie in samenwerking met het ModeMuseum Antwerpen en diverse lecture-performances – liep organisatorisch toch het één en ander fout. Zo werd een nijpend tekort aan stoelen in de pop-upboekenwinkel nooit opgelost, en leek er op voorhand ook niet te zijn nagedacht over het feit dat een grote zaal vol winkelende mensen best weleens luidruchtig kon zijn.

Bovendien bleef ook de geluidsinstallatie van de Stadsfeestzaal het ganse weekend de gebruikelijke winkelcentrummuzak brullen. Denk daarbij aan een mix tussen repetitieve lichte jazz en de grootste tophits. De talrijke artistieke interventies op de bovenverdieping kregen letterlijk noch figuurlijk hun verdiende weerklank bij de nietsvermoedende winkelaars op de benedenverdieping. Ook het scherm met livestream in de centrale inkomhal hield het bij beeld zonder klank – omdat die systematische werd afgezet door het management van de stadsfeestzaal. Een gepaste metafoor voor dit openingsweekend, dat ondanks zijn veelbelovende opzet en rijk inhoudelijk aanbod zijn doel ver voorbij schoot door praktische obstakels en organisatorische inconsequenties. Een prachtig initiatief dat evenwel niet kon opboksen tegen de brute kracht van de commercie en opging in de veelheid van het bruisende winkelcentrum. Een gemiste kans voor ARIA. 